breien

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
Breien.

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • brei·en
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
breien
breide
gebreid
zwak -d volledig
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
breien
bree
gebreeën
klasse 1 volledig

Werkwoord

breien

  1. (overgankelijk) een weefsel vervaardigen uit een gesponnen draad met behulp van twee of meer pennen
    Er wordt hard gebreid aan je trui.
  2. (onovergankelijk) (sport) eindeloos met de bal combineren zonder tot een goede aanval te komen.
  3. (wiskunde) een notatiefout bij rekenen. De fout bestaat er uit dat twee berekeningen met gelijktekens aan elkaar worden geplakt, terwijl er in feite niet elke keer sprake is van gelijkheid aan beide kanten van het teken.
Opmerkingen
  • In de standaardtaal zijn alleen de zwakke vormen correct. De sterke vormen worden voor bet. 1 gebruikt in sommige, m.n. Vlaamse dialecten.[1]
Vertalingen

Meer informatie

  • Zie de doorverwijspagina op Wikipedia voor meer informatie.
Verwijzingen
  1. VRT-Taalnet