breigoed

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • brei·goed
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord breigoed
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

breigoed o

  1. iets wat gemaakt is door breien
    • Goed gebreid breigoed heeft zijn (geiten)wollige status al lang afgezworen en komt nu ook in stijlvolle ontwerpen en kleuren die perfect bij het huidige modebeeld aansluiten. Het verwarmingselement is gelukkig wel gewoon gebleven. [1] 
    • Conny Groenewegen is gefascineerd door breigoed. Ingenieus breigoed. Perfect gebreide ronde gaten in een jurk van tricotstof die alle kanten oprekt. [2] 
    • In 1972, op haar 24ste, werd ze in Parijs aangenomen door Yves Saint Laurent. Als stille kracht stelde ze kledingcombinaties voor en ontwierp breigoed en sieraden. [3] 
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

79 % van de Nederlanders;
89 % van de Vlamingen.[4]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. De Standaard KONINGINNENBREI 1 DECEMBER 2018
  2. NRC Georgette Koning 4 november 2010 Mode is kwetsbaar in Nederland
  3. NRC Georgette Koning 7 november 2011 YSL's muze Loulou de la Falaise (63) overleden
  4. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be