basilica

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ba·si·li·ca
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord basilica basilica's
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

basilica v

  1. (religie) (rooms-katholiek) eretitel toegekend aan kerkgebouwen die van bijzondere religieuze betekenis zijn
    • In de Katholieke Kerk is de basiliek of basilica een eretitel voor bijzondere kerken. [2]
  2. (bouwkunde) (religie) (christelijk) kerkgebouw met klassieke vorm, waarbij een hoger schip (middendeel) links en rechts door zuilenrijen is gescheiden van zijbeuken en een halfronde uitbouw aan de korte kant die traditioneel naar het oosten is gericht
    Vaak worden aan deze basisvorm een transept en een toren toegevoegd.
    • Mahlers Auferstehungssymphonie onder leiding van Helmuth Rilling wordt gespeeld in de basilica van een klooster. [3]
  3. (bouwkunde) (geschiedenis) in de Romeinse tijd een gebouw voor handel en rechtspraak dat een rechthoekige vorm had met een middendeel dat links en rechts door zuilenrijen was gescheiden van de zijbeuken en dat vaak een halfronde uitbouw aan de korte kant had
    • Van Vitruvius zelf weten wij weinig. Hij moet zijn geboren tussen 100 en 80 jaar voor Christus. Als architect is slechts één gebouw van hem bekend omdat het in zijn eigen, geschreven levenswerk figureert: een basilica in Colonia Julia Fanestris, het huidige Fano, een plaatsje aan de Adriatische kust tussen Ravenna en Ancona. Opgravingen hebben nooit een spoor opgeleverd van dit grote, openbare gebouw dat uit hout was opgetrokken. [4]
Synoniemen

Gangbaarheid

71 % van de Nederlanders;
72 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

Resten van de Basilica Aemilia aan het Forum Romanum

Latijn

Uitspraak
  • IPA: /ba.ˈsɪ.lɪ.ka/
Woordherkomst en -opbouw
  • Ontleend aan het Oudgriekse βασιλικὴ στοά ("koninklijke hal"). De eerste grote kerkgebouwen werden in de vierde eeuw gebouwd in de vorm van basilica's.

Zelfstandig naamwoord

băsĭlĭcă v

  1. basilica, zuilenhal, een grote hal waar recht gesproken werd en kooplieden handel dreven
    «Forum plenum et basilicas istorum hominum videmus, et animo aequo videmus.[1]»
    Wij zien dat het forum en de zuilenhallen vol zijn van die mensen, en we zien het met gelatenheid aan.
  2. (religie) basiliek
    «Totius orbis homines peculiarem in modum Sancti Francisci Basilicam in urbe Assisio respiciunt, ubi servantur et custodiuntur mortales exuviae Seraphici Sancti, necnon Basilicam Sanctae Mariae Angelorum, quae insignem parvam Portiunculae ecclesiam concludit: prima Ordini Fratrum Minorum Conventualium demandatur, altera Ordini Fratrum Minorum committitur.[2]»
    Mensen uit de hele wereld kijken met een bijzonder gunstige blik naar de Basiliek van de Heilige Franciscus in de stad Assisi, waar het stoffelijk overschot van de Serafische Heilige bewaard en bewaakt worden, evenals naar de Basiliek van Santa Maria degli Angeli, die het befaamde kerkje Portiuncula omsluit: de eerste wordt toevertrouwd aan de Orde van de Conventuele Minderbroeders, de tweede wordt overgelaten aan de Orde van de Minderbroeders.
Overerving en ontlening

Verwijzingen

  1. Cicero, In Verrem 2, 5.
  2. Benedictus XVI, Litterae apostolicae motu proprio datae "Totius orbis" (9 november 2005).