Naar inhoud springen

religie

Uit WikiWoordenboek
  • re·li·gie
  • Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘godsdienst’ voor het eerst aangetroffen in 1480 [1]
  • Van het Latijnse religio, een nevenvorm van religo.
enkelvoud meervoud
naamwoord religie religies
religiën
verkleinwoord religietje religietjes

dereligiev

  1. een godsdienst
     En zelfs vinden we tegenover de starre religie van het monotheïsme, suggesties van een scheppende polytheïstische religiositeit.[2]
     Ah, de dingen worden zo omgedraaid! We denken dat religie een zaak is van heel hard praten, in plaats van een aangelegenheid waarin ieder individu in zijn eentje naar zijn privévertrek gaat om rustig met zichzelf te praten.[3]
    • Vrijheid van religie is erg belangrijk. 
100 %van de Nederlanders;
99 %van de Vlamingen.[4]
  • re·li·gie

religie v

.Religie is wir an de mensen in heloôven.

Religie is waarin de mensen in geloven.