atburður

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Faeröers

Uitspraak
  • IPA: ˈabːuːrʊr

Zelfstandig naamwoord

atburður, m

  1. gedrag


IJslands

Uitspraak
  • Geluid: Bestand bestaat nog niet. Aanmaken?
  • IPA: ˈaːd̥ˌb̥ʏrðʏr , / ˈaːtˌpʏrðʏr /
Woordafbreking
  • at·burður
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Oudnoordse zelfstandige naamwoord atburðr
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   atburður     atburðurinn     atburðir     atburðirnir  
genitief   atburðar     atburðarins     atburða     atburðanna  
datief   atburði     atburðinum     atburðum     atburðunum  
accusatief   atburð     atburðinn     atburði     atburðina  

Zelfstandig naamwoord

atburður, m

  1. belevenis, evenement, event, gebeurde, (het) gebeuren, gebeurtenis, geschiedenis, incident, ontwikkeling, voorval
    «Þetta var sérstakur atburður
    Dit was een bijzondere gebeurtenis.
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Typische woordcombinaties
  • áhrifamikill atburður
enn indrukwekkend gebeurtenis, drama
  • hversdagslegur atburður
een alledaags gebeurtenis
  • merkilegur atburður
een opmerkelijk gebeurtenis
  • örlagaríkur atburður
een gedenkwaardig gebeurtenis, rampspoed
  • óvæntur atburður
een onverwacht gebeurtenis, verrassing
Verwante begrippen

Meer informatie