belevenis

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·le·ve·nis
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord belevenis belevenissen
verkleinwoord belevenisje belevenisjes

Zelfstandig naamwoord

belevenis v

  1. een gedenkwaardige ervaring, een spannend avontuur
    • Het bezoek aan Jeruzalem was een hele belevenis. 
    • Het museumbezoek zou een hele belevenis moeten zijn. 
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.