David

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • Da·vid

Eigennaam

David

  1. Bijbelse jongensnaam van Hebreeuwse oorsprong met vermoedelijk als betekenis 'de geliefde, lieveling, vriend'
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

Meer informatie


Latijn

Uitspraak
  • IPA: /ˈdaː.wiːd/
Woordafbreking
  • Da·vid
Woordherkomst en -opbouw

Eigennaam

Dāvīd m

  1. David
Verbuiging