onderwijs

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • on·der·wijs
enkelvoud meervoud
naamwoord onderwijs -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

onderwijs o

  1. de voorziening van opleidingen.
Vertalingen
Persoonlijke instellingen