onderricht
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- on·der·richt
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | onderricht | - |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
onderricht o
- de voorziening van opleidingen of lessen
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen
1. de voorziening van opleidingen of lessen
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| onderrichten |
onderricht
- enkelvoud tegenwoordige tijd van onderrichten
- gebiedende wijs van onderrichten
- voltooid deelwoord van onderrichten