waterbouw

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wa·ter·bouw
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord waterbouw -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

waterbouw m

  1. (waterstaat) het ontwerpen, bouwen en onderhouden van waterstaatkundige bouwwerken
    • Bruggen, dammen, dijken, sluizen, tunnels enz. zijn de kunstwerken van de waterbouw. 
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
95 % van de Vlamingen.

Meer informatie