schooldag

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • school·dag
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord schooldag schooldagen
verkleinwoord schooldagje schooldagjes

Zelfstandig naamwoord

schooldag m

  1. een dag in de week waarop men naar school gaat
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.