ordentelijk

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • or·den·te·lijk
Woordherkomst en -opbouw
  • afleiding van orde met het achtervoegsel -lijk
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen ordentelijk ordentelijker ordentelijkst
verbogen ordentelijke ordentelijkere ordentelijkste
partitief ordentelijks ordentelijkers -

Bijvoeglijk naamwoord

ordentelijk [1]

  1. volgens de regels en zonder problemen
    • Schiphol heeft bijvoorbeeld 20 procent meer personeel aan het werk en speciale teams zorgen ervoor dat de passagiersstromen ordentelijk verlopen in deze tijd van topdrukte. [2] 
    • In juni 2016 koos een kleine meerderheid, 51,9 procent van de Britten, voor een vertrek uit de Europese Unie. Een deal waarmee ordentelijk afscheid genomen kan worden van het Verenigd Koninkrijk als EU-land is er nog altijd niet. [3] 
    • Hoekstra tempert echter de verwachtingen. ,,Ik wil dit graag snel gaan regelen, maar ik ben ook voor een ordentelijk proces”, schrijft hij. Een en ander zal afgestemd moeten worden met de uitgeefsector en de minister van Onderwijs, die over media gaat. Als de wetgeving klaar is, heeft de Belastingdienst minstens drie maanden nodig om de aanpassingen door te voeren. [4] 
Synoniemen
Antoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

88 % van de Nederlanders;
94 % van de Vlamingen.

Verwijzingen