opgebruiken

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • op·ge·brui·ken
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
opgebruiken
gebruikte op
opgebruikt
zwak -t volledig

Werkwoord

opgebruiken

  1. alles gebruiken tot het op is
    De verpakking na gebruik zorgvuldig sluiten, koel en droog bewaren en de geopende verpakking binnen drie maanden opgebruiken.
Verwante begrippen
Vertalingen