verbruiken

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·brui·ken
Woordherkomst en -opbouw
  • afgeleid van bruik met het voorvoegsel ver- en met het achtervoegsel -en [1]
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
verbruiken
verbruikte
verbruikt
zwak -t volledig

Werkwoord

verbruiken

  1. (overgankelijk) bij gebruik opmaken
    Deze auto verbruikt niet zo veel.
Verwante begrippen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl