mededelen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • me·de·de·len
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
mededelen
deelde mede
medegedeeld
zwak -d volledig

Werkwoord

mededelen

  1. (overgankelijk) deelnemen, deel hebben
  2. (ditransitief) doen vernemen
    Dit hebben wij nooit medegedeeld gekregen.
Schrijfwijzen
Synoniemen
Verwante begrippen
Afgeleide begrippen
Vertalingen