kuis

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kuis
enkelvoud meervoud
naamwoord kuis kuizen
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

kuis v [1] [2]

  1. jonge koe (jonger dan negen maanden) [3] [4]
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen kuis kuiser meest kuis
verbogen kuise kuisere meest kuise

Bijvoeglijk naamwoord

kuis v

  1. (seksualiteit) seksueel ingetogen [5]
  2. (Vlaams) rein, schoon, zindelijk, zuiver
Antoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen


Meer informatie

Werkwoord

vervoeging van
kuisen

kuis

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van kuisen
    Ik kuis.
  2. gebiedende wijs van kuisen
    Kuis!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van kuisen
    Kuis je?
Verwijzingen
  1. Woordenboek der Nederlandse taal
  2. Woordenboek der Nederlandse taal
  3. koe etymologiebank.nl
  4. Woordenboek der Nederlandse taal
  5. ingetogen etymologiebank.nl