interest

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • in·te·rest
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘procentuele vergoeding voor lening’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1530 [1] [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord interest interesten
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

interest m [3]

  1. (financieel) percentage vergoeding voor geleend geld of andere zaken
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Gangbaarheid

Verwijzingen


Engels

Werkwoord

interest

  1. interesseren

Zelfstandig naamwoord

interest

  1. interesse
  2. belang
    «They advance corporate interests
    Zij bevorderen de belangen van het bedrijfsleven.
Hyponiemen