hoogtepunt

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • hoog·te·punt
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord hoogtepunt hoogtepunten
verkleinwoord hoogtepuntje hoogtepuntjes

Zelfstandig naamwoord

hoogtepunt o

  1. bijzonder belangrijk of goed ogenblik
  2. (meetkunde) het snijpunt van de hoogtelijnen van een driehoek
  3. orgasme
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie