gol
Naar navigatie springen
Naar zoeken springen
Frans
Uitspraak
Bijvoeglijk naamwoord
gol
- (spreektaal) stompzinnig, achterlijk, onnozel
- «Tu fais gol comme ça à venir à l'amphi avec un bob sur la tête!»
- Je ziet er achterlijk uit als je naar college komt met matrozenmuts op! [1]
- «Tu fais gol comme ça à venir à l'amphi avec un bob sur la tête!»
Schrijfwijzen
Verwijzingen
Spaans
Uitspraak
Woordafbreking
- gol
enkelvoud | meervoud |
---|---|
gol | goles |
Zelfstandig naamwoord
gol m
Verwijzingen
- gol in: Diccionario de la lengua española, 23e druk, op website: Real academia española
Turks
![]() |
Woordafbreking
- gol
enkelvoud | meervoud | |
---|---|---|
nominatief | gol | goller |
genitief | golün | gollerin |
datief | gole | gollere |
accusatief | golü | golleri |
locatief | golde | gollerde |
ablatief | golden | gollerden |
Zelfstandig naamwoord
gol
Categorieën:
- Woorden in het Frans
- Woorden in het Frans van lengte 3
- Woorden in het Frans met audioweergave
- Bijvoeglijk naamwoord in het Frans
- Spreektaal in het Frans
- Woorden in het Spaans
- Woorden in het Spaans van lengte 3
- Woorden in het Spaans met audioweergave
- Zelfstandig naamwoord in het Spaans
- Sport in het Spaans
- Woorden in het Turks
- Zelfstandig naamwoord in het Turks
- Sport in het Turks