domkop

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • dom·kop
Woordherkomst en -opbouw
  • Samenstelling van dom en kop.
enkelvoud meervoud
naamwoord domkop domkoppen
verkleinwoord domkopje domkopjes

Zelfstandig naamwoord

domkop m

  1. iemand die niet erg slim is
    Die domkop heeft de verkeerde brandstof getankt.
Vertalingen