correspondent

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • cor·res·pon·dent
enkelvoud meervoud
naamwoord correspondent correspondenten
verkleinwoord correspondentje correspondentjes

Zelfstandig naamwoord

correspondent m

  1. iemand met wie men een briefwisseling onderhoudt
  2. (beroep) iemand die een onderneming of vereniging vertegenwoordigt
  3. (handel) (beroep) iemand die met de correspondentie van een zaak is belast
  4. (media) (beroep) berichtgever van elders aan nieuwsmedia
Synoniemen
Hyponiemen
Verwante begrippen
Vertalingen
Gangbaarheid
99 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie