akelig

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Een akelig tafereel: het lichaam van een jongen dat is verbrand als gevolg van een V2-inslag (foto genomen in Antwerpen, 1944)
Uitspraak
Woordafbreking
  • ake·lig
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen akelig akeliger akeligst
verbogen akelige akeligere akeligste
partitief akeligs akeligers -

Bijvoeglijk naamwoord

akelig

  1. huiveringwekkend, vreeswekkend, griezelig
    • Het was een akelig gezicht. 
  2. onaangenaam, ziek, naar
    • Hij voelt zich al een aantal dagen lang akelig. 
  3. vervelend
    • Wat een akelige jongen is dat toch! 
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
stellend vergrotend overtreffend
akelig akeliger het akeligst


Bijwoord

akelig

  1. in hoge mate
    • De huur van dit huis is echt akelig hoog. 

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Verwijzingen