nasty

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • nas·ty
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen nasty nastyer nastyst
verbogen - - nastyste
partitief nasty's nastyers -

Niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie.

Bijvoeglijk naamwoord

nasty

  1. kwaadaardig, gemeen
    • Schrijf toch niet van die nasty dingen over moslims in de pers. [1]

Gangbaarheid

58 % van de Nederlanders
49 % van de Vlamingen.

Verwijzingen


Engels

Bijvoeglijk naamwoord

nasty

  1. onaangenaam
    The nasty hot weather bothered him a lot.
  2. onbeschoft
    Those nasty guys from the trailer park came and beat him up.
  3. verraderlijk
    Slow down! That curve is really nasty.