nadeel

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • na·deel
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord nadeel nadelen
verkleinwoord nadeeltje nadeeltjes

Zelfstandig naamwoord

nadeel o

  1. ongunstige eigenschap
    • Het nadeel van een grote auto is vaak het grote benzineverbruik. 
  2. verlies.
    • De aandeelhouders ondervonden nadeel van de sterk gedaalde beurskoers. 
Synoniemen
Antoniemen
Uitdrukkingen en gezegden
  • nadeel toebrengen
benadelen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Verwijzingen