ezel

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
[1] Twee ezels.
[3] Een ezel.

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ezel
[4] Een ezel.
enkelvoud meervoud
naamwoord ezel ezels
verkleinwoord ezeltje ezeltjes

Zelfstandig naamwoord

ezel m

  1. (zoogdieren) Equus asinus, paardachtig dier met lange oren
    De ezel was continu aan het balken.
  2. (scheldwoord) domkop
    Je bent een ezel omdat je de sleutel bent verloren.
  3. (gereedschap) (schilderkunst) steunmeubel, schildersezel
    De schilder had het doek op zijn ezel gezet.
  4. (techniek) de voorste hanger van een windmolen waaraan de vangbalk vooraan met een scharnierpunt vastzit
Synoniemen
Hyperoniemen
Verwante begrippen
Overerving en ontlening
Vertalingen

Meer informatie

  • Zie de doorverwijspagina op Wikipedia voor meer informatie.