tv
Uiterlijk
- tv
- Het is een initiaalwoord uit televisie.
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | tv | tv's |
| verkleinwoord | tv'tje | tv'tjes |
de tv v
- (initiaalwoord), (afkorting) de afkorting voor televisie
- (techniek) een elektrisch apparaat om bewegende beelden en geluid te ontvangen
- een programma dat op dit apparaat getoond wordt
- Deze nieuwe samenwerking kan mooie tv opleveren.
- het communicatiemedium
- Wat is er op tv?
|
|
tv
- bijwoordelijk deel van een scheidbaar werkwoord
- tv-kijken: Hij keek tv.
- Het woord tv staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "tv" herkend door:
| 98 % | van de Nederlanders; |
| 96 % | van de Vlamingen.[3] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ Marion Pauw e.a.“4 wandelaars en een Siciliaan” (2022), The House of Books, ISBN 9789044363340
- ↑ Tim Voors“Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers

- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 2
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Initiaalwoord in het Nederlands
- Afkorting in het Nederlands
- Techniek in het Nederlands
- Bijwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 98 %
- Prevalentie Vlaanderen 96 %