temperament

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • tem·pe·ra·ment
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans of Latijn, in de betekenis van ‘gemoedsaard’ voor het eerst aangetroffen in 1634 [1] [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord temperament temperamenten
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

temperament o [3]

  1. een aantal persoonlijkheidskenmerken die tot de aanleg van een individu behoren
  2. vurigheid
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen