oplossing

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • op·los·sing
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord oplossing oplossingen
verkleinwoord oplossinkje oplossinkjes

Zelfstandig naamwoord

oplossing v

  1. (scheikunde) een mengsel van een stof met een vloeistof
  2. een manier om van een probleem af te komen
    • Het is maar een tijdelijke oplossing voor een acuut probleem. 
    • Hij hoopt dat de slepende vete nog tot een oplossing kan komen. 
    • Hij zou tenslotte de oplossing moeten vinden. Want nu hij eenmaal zo ver gekomen was kon hij de kleurmensen niet meer in de steek laten, dat begreep hij wel. [1] 
     Er is wel een oplossing volgens professor Bongers. Mensen moeten het regenwoud met rust laten. Het aansteken van branden moet dus verboden worden. Nu wordt er bijna niet gecontroleerd. Er moet dus ook beter gecontroleerd worden. Maar Bongers denkt dat de president van Brazilië dat niet gaat doen.[2]
  3. een misdrijf ontrafelen
    • De oplossing van de moord werd pas op de laatste pagina van de thriller duidelijk. 
  4. (wiskunde) het antwoord op een vraagstuk
    • Stuur uw oplossing van het raadsel op naar ons antwoordnummer. 
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Herzen, Frank De zoon van de woordbouwer 1970 ISBN 9062805450 pagina 98
  2. Bronlink Weblink bron nieuwsbegrip.nl “Bosbranden in het Amazonegebied” (26-8-2019), CED-groep


Nedersaksisch

Zelfstandig naamwoord

oplossing

  1. oplossing; een manier om van een probleem af te komen


Veluws

Zelfstandig naamwoord

oplossing

  1. oplossing; een manier om van een probleem af te komen