lijken

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • lij·ken
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘gelijken’ voor het eerst aangetroffen in 1450 [1]
  • afkomstig van:
Middelnederlands: liken, geliken
Oudnederlands: līkon, gilīkon
Germaans: *galīkōnan
  • Verwant in Germaans:
West: Duits: gleichen, (Oudhoogduits: gilīhhon), Fries: lykje (Oudfries: līkia, bilīka, gilīkon)
Oost: Gotisch: galeikōn
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
lijken
leek
geleken
klasse 1 volledig

Werkwoord

lijken [2]

  1. absoluut ~ op: uitzien als [3]
    • Dit lijkt op een geval van mazelen. 
  2. koppelwerkwoord naar aanschijn zijn
    • Dit lijkt fantastisch, maar bij nader aanzien valt het tegen. 
  3. bevallen [4] [5]
Vaste voorzetsels
  • lijken op
Vertalingen


stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
lijken
lijkte
gelijkt
zwak -t volledig

Werkwoord

lijken [6]

  1. overgankelijk (scheepvaart) met lijken (zoomtouwen) omzomen van zeilen
  2. een kadaver afleggen ??

Zelfstandig naamwoord

lijken mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord lijk

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

Meer informatie