knuffel

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • knuf·fel
enkelvoud meervoud
naamwoord knuffel knuffels
verkleinwoord knuffeltje knuffeltjes

Zelfstandig naamwoord

knuffel m

  1. één van de meest voorkomende menselijke gebaren, naast het geven van een kus, om affectie te tonen.
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
knuffelen

knuffel

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van knuffelen
    Ik knuffel.
  2. gebiedende wijs van knuffelen
    Knuffel!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van knuffelen
    Knuffel je?