knuffelen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • knuf·fe·len
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
knuffelen
knuffelde
geknuffeld
zwak -d volledig

Werkwoord

knuffelen

  1. omhelzen, een knuffel geven
Vertalingen

Meer informatie