gespannen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·span·nen
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen gespannen gespannener gespannenst
verbogen - - gespannenste
partitief gespannens gespanneners -

Bijvoeglijk naamwoord

gespannen

  1. strak uitgerekt, gereed om met kracht in een eerdere toestand terug te keren
    • Het gespannen prikkeldraad houdt de koeien in de wei. 
  2. in hoge mate werkzaam - (naar analogie van betekenis 1 bij trekdieren, aandrijfkettingen of tentdoeken)
    • De kinderen keken met gespannen aandacht naar de film. 
  3. ongemakkelijk, blijk gevend van stress, het punt van (uit-)barsten naderend - (naar analogie van betekenis 1 bij boogpezen of ballonnen)
    • De gespannen situatie is ontstaan door een reeks beledigingen. 
    • Gespannen volgde hij zijn tegenstander. 
Synoniemen
Antoniemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Spreekwoorden
  • De boog kan niet altijd gespannen zijn - inspanningen behoren met ontspanning te worden afgewisseld
  • Op gespannen voet staan met ... - Slecht samengaan met ...
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
spannen

gespannen

  1. voltooid deelwoord van spannen

Zelfstandig naamwoord

gespannen mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord gespan

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.