dominant

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • do·mi·nant
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord dominant dominanten
verkleinwoord dominantje dominantjes

Zelfstandig naamwoord

dominant v / m

  1. overheersend
    De dominant moeders bepaalde alles wat de kinderen gaan doen.
  2. (muziek) hoofdtoon, de toon of een akkoord op de vijfde trede van een toonladder
  3. (genetica) overheersende erfelijke factor
Antoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen dominant dominanter dominantst
verbogen dominante dominantere dominantste

Bijvoeglijk naamwoord

dominant

  1. overheersend.
  2. (biologie) de werking van andere factoren onderdrukkend
Vertalingen
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl

Meer informatie