dominante

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • do·mi·nan·te

Bijvoeglijk naamwoord

dominante

  1. verbogen vorm van de stellende trap van dominant

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.


Spaans

Uitspraak
Woordafbreking
  • do·mi·nan·te
  enkelvoud meervoud
mannelijk dominante dominantes
vrouwelijk dominante dominantes

Bijvoeglijk naamwoord

dominante

  1. dominant, overheersend, heersend, bazig
Synoniemen
Verwante begrippen