conserveren

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • con·ser·ve·ren
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
conserveren
conserveerde
geconserveerd
zwak -d volledig

Werkwoord

conserveren

  1. (overgankelijk) verduurzamen, tegen bederf beschermen
    Je kunt deze vruchten ook conserveren.
  2. (overgankelijk) in stand houden van iets
    Dit oude monument is goed geconserveerd.
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl