competitie

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • com·pe·ti·tie
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord competitie competities
verkleinwoord competitietje competitietjes

Zelfstandig naamwoord

competitie v

  1. beter willen zijn dan een ander
    De broers voerden iedere dag een competitie op leven en dood met elkaar.
  2. (sport) reeks wedstrijden tussen verschillende clubs
    De winnaar van de competitie mag op europees niveau spelen.
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl

Meer informatie