autisme

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • au·tis·me
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord autisme autismen, autismes
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

autisme o

  1. (psychologie) een ontwikkelingsstoornis in de hersenen, zich bij personen uitend in een moeilijk contact maken met de omgeving
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie


Frans

enkelvoud meervoud
zonder lidwoord met lidwoord zonder lidwoord met lidwoord
  autisme     l'autisme     autismes     les autismes  

Zelfstandig naamwoord

autisme m

  1. autisme