afwijzen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • af·wij·zen
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van wijzen met het voorvoegsel af-
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
afwijzen
wees af
afgewezen
klasse 1 volledig

Werkwoord

afwijzen

  1. (overgankelijk) een negatieve beslissing ergens over nemen
    Hij wees de aanvraag af omdat deze niet aan de gestelde voorwaarden voldeed.
Afgeleide begrippen
Vertalingen