affix

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • af·fix
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord affix affixen
verkleinwoord affixje affixjes

Zelfstandig naamwoord

affix o

  1. (taalkunde) een gebonden morfeem dat aan een ander morfeem wordt vastgehecht om zo een nieuw woord te vormen
    • De rol van het affix in de afleiding of samenstelling wordt weergegeven door een verticale streep. 
Synoniemen
Hyperoniemen
Hyponiemen
Verwante begrippen
Woorddelen in het Nederlands (nld)

toevoegselvoorvoegselachtervoegselinvoegselomvoegsel
affixprefixsuffixinterfixcircumfix

Vertalingen

Gangbaarheid

35 % van de Nederlanders
47 % van de Vlamingen.

Meer informatie