-eur
Uiterlijk
| Huidig bestand |
|---|
| 135 |
- -eur
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | -eur | -euren -eurs |
| verkleinwoord | -eurtje | -eurtjes |
-eur m met een werkwoord als grondwoord van:
- persoon die de genoemde handeling verricht
- instrument of ander middel waarmee de in het grondwoord genoemde handeling wordt verricht
|
|
- Het woord '-eur' staat niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie.
| Huidig bestand |
|---|
| 105 |
- -eur
- Van het Latijnse achtervoegsel -or.
-eur m met een werkwoord als grondwoord van
- de persoon die de genoemde handeling verricht (b.v. profiteur) of
- instrument of ander middel waarmee de in het grondwoord genoemde handeling wordt verricht: mitrailleur
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 4
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 1 lettergreep in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Achtervoegsel in het Nederlands
- Niet in Woordenlijst Nederlandse Taal
- Woorden in het Frans
- Woorden in het Frans van lengte 8
- Woorden in het Frans met audioweergave
- Woorden in het Frans met IPA-weergave
- Achtervoegsel in het Frans