wang

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wang
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘zijkant van gezicht’ voor het eerst aangetroffen in 1240 [1] [2] [3]
enkelvoud meervoud
naamwoord wang wangen
verkleinwoord wangetje wangetjes

Zelfstandig naamwoord

wang v/m

  1. (anatomie) zijkant van het gezicht onder het oog
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen


Indonesisch

Woordafbreking
  • wang
Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

wang

  1. schrijfwijze voor uang "geld"
  2. paleis
  3. jongen
Synoniemen