voltooid

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vol·tooid
stellend
onverbogen voltooid
verbogen voltooide

Bijvoeglijk naamwoord

Niet in de woordenlijst van de Taalunie (als bijvoeglijk naamwoord)
voltooid [1]

  1. gereed, klaar
    Kent u het burgerinitiatief voltooid leven?
  2. volkomen, volmaakt, perfect
Antoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
Verwijzingen
  1. Woordenboek der Nederlandse taal

Deelwoord

bevestigend
deelwoord
ontkennend
deelwoord
onverbogen voltooid onvoltooid
verbogen voltooide onvoltooide
vervoeging van
voltooien

voltooid voltooid deelwoord van voltooien

  1. vormt de lijdende vorm
    Dat wordt later voltooid.
  2. vormt de voltooide tijden
    Hij heeft het later voltooid.
  3. attributief gebruikt dat wat voltooid is of voltooiing aanduidt
    De voltooide tijden drukken uit dat de handeling of het proces van het gezegde compleet is.
  4. bijwoordelijk gebruikt
    In ijltempo voltooid oogstte de nieuwe brug veel blijken van waardering.