verzinken

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·zin·ken
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van zink met het voorvoegsel ver- of afgeleid van zinken met het voorvoegsel ver-
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
verzinken
verzonk
verzonken
klasse 3 volledig 1,2,3
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
verzinken
verzinkte
verzinkt
zwak -t volledig 4

Werkwoord

verzinken

  1. ergatief verdwijnen door in iets weg te zinken
    • Het gekapseisde schip verzonk in de woedende zee. 
  2. ergatief overdrachtelijk diep in gedachten zijn
    • Hij was diep in gepeins verzonken. 
  3. overgankelijk iets in een materiaal doen zinken
    • Je kunt deze verbinding ook verzinken in het hout. 
  4. overgankelijk (scheikunde) iets al of niet galvanisch met een laag zink afdekken
    • men kan een voorwerp ook verzinken door het in een bad met gesmolten zink te dompelen 
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders
97 % van de Vlamingen.

Meer informatie