verzonken

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·zon·ken
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
verzinken

verzonken

  1. meervoud verleden tijd van verzinken
    • Wij verzonken. 
    • Jullie verzonken. 
    • Zij verzonken. 
  2. voltooid deelwoord van verzinken
Verwante begrippen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.