Naar inhoud springen

toneel

Uit WikiWoordenboek
  • to·neel
  • In de betekenis van ‘podium, verhoging in schouwburg’ voor het eerst aangetroffen in 1539 [1] [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord toneel [1,3]: tonelen
verkleinwoord [1]: toneeltje [1]: toneeltjes

hettoneelo

  1. een ruimte gereedgemaakt voor een vertoning of optreden voor een publiek
    • Het was maar een klein toneel, maar ze maakten er goed gebruik van. 
     'Ik ben op het toneel al zo vaak getrouwd geweest dat ik het daarbuiten beslist niet wil zijn'.[3]
     Als Thea er oogverblindend uitziet, recht van het toneel van de schouwburg, dan is deze man wel haar tegenpool.[3]
     Maar in Jacobs loge, waar ze een goed uitzicht op het toneel heeft en ver verwijderd is van al die lijven die haar nerveus maken, denkt Nella het wel uit te kunnen houden, als ze daarmee een stap dichter bij een potentieel huwelijk komen.[3]
  2. kunstvorm die gebruik maakt van [1] om een publiek op een schouwspel te vergasten
    • Het toneel was altijd al zijn grote liefde geweest. 
  3. een schouwspel dat zich ontvouwt alsof het een toneelspel was
    • De tonelen die zich na de machtsovername afspeelden zijn nauwelijks te beschrijven. 
  • van het toneel verdwijnen
niet meer in de openbaarheid bestaan
 Zo snel als TMF opkwam, zo snel verdween de zender ook weer van het toneel. Een hoop vj's vertrokken naar concurrenten. Na 2008 begon de populariteit snel af te nemen en in de eerste maanden van 2011 was de zender alleen nog van 06.00 uur tot 15.00 uur op tv.[4]
99 %van de Nederlanders;
98 %van de Vlamingen.[5]