tijdgeest

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • tijd·geest
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord tijdgeest -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

tijdgeest m

  1. geest, de trant van denken en handelen in een bepaalde tijd
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
88 % van de Vlamingen.

Meer informatie