stilleggen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • stil·leg·gen
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

stilleggen

stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
stilleggen
legde stil
stilgelegd
zwak -d volledig
  1. stoppen, tot stilstand brengen, buiten werking stellen
    • Het staat inmiddels bekend als zijn stokpaardje, het onderscheid dat hij maakt tussen de burgerpolitici die de oorlogsmachine wilden stilleggen en de militaire kliek die de weg van geweld juist voorstond. Hij knikt. 'Wat mij betreft verdienen ze vrijspraak.' [2] 
     Almelo maakt zich op voor de uitvaart van Adolph graaf van Rechteren Limpurg. De op 88-jarige leeftijd overleden Heer van Almelo wordt morgen bijgezet in de grafkelder van de familie aan de Gravenallee. Het verkeer op de Van Rechteren Limpurgsingel wordt daarvoor stilgelegd.[3]
Synoniemen
Antoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.[4]

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. Beijnum, Kees van De offers [2014] ISBN 978-90-234-8628-2 pagina 369
  3. Bronlink Weblink bron Henk van Schuppen “Uitvaart Heer van Almelo: nog één keer passeert graaf Van Rechteren de Limpurgsingel” (22-11-2019), Tubantia
  4. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be