scheet

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • scheet
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord scheet scheten
verkleinwoord scheetje scheetjes

Zelfstandig naamwoord

scheet m

  1. gasontlading uit de darm
    Zeg, heb jij soms een scheet gelaten?
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
schijten

scheet

  1. enkelvoud verleden tijd van schijten
    Ik scheet.
    Jij scheet.
    Hij, zij, het scheet.

Meer informatie