pullover

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Andere schrijfwijzen Niet te verwarren met: pull-over


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pull·over
Woordherkomst en -opbouw
  • van Engels pullover, in de betekenis van ‘gebreid kledingstuk dat over het hoofd moet worden aangetrokken’ gespeld "pull-over" vanaf 1924 en gespeld "pullover" vanaf 1925 in advertenties [1] [2] [3]
enkelvoud meervoud
naamwoord pullover pullovers
verkleinwoord pullovertje pullovertjes

Zelfstandig naamwoord

pullover m

  1. (kleding) gebreide herentrui met mouwen die over een overhemd gedragen wordt
    • Heb jij vaak een pullover aan? 
Schrijfwijzen
  • pull-over (kwam tot 1955 ook wel voor en was van 1996 tot 2006 de officiële spelling)
Vertalingen

Gangbaarheid

96 % van de Nederlanders;
95 % van de Vlamingen.[4]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. pullover op website: Etymologiebank.nl
  2. Bronlink geraadpleegd op 22 november 2020 Weblink bron H. van Eelen advertentie in: Provinciale Overijsselsche en Zwolsche courant, jrg. 80 nr. 273 (18 november 1924), M. Tyl en Zoon H. Tyl, Zwolle, p. 8 kol. 1
  3. Bronlink geraadpleegd op 22 november 2020 Weblink bron Gez. Van Huiden advertentie in: Provinciale Overijsselsche en Zwolsche courant, jrg. 81 nr. 138 (15 juni 1925), M. Tyl en Zoon H. Tyl, Zwolle, p. 8 kol. 4
  4. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be


Engels

Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
pullover pullovers

Zelfstandig naamwoord

pullover

  1. (kleding) pullover.


Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • pull·over
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Engelse woord pullover.

Zelfstandig naamwoord

pullover m

  1. (kleding) een gebreid bovendeel met of zonder mouwen.
Verbuiging
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   pullover     pulloveren     pullovere     pulloverne  
genitief   pullovers     pulloverens     pulloveres     pullovernes  
Hyperoniemen


Nynorsk

Uitspraak
Woordafbreking
  • pull·over
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Engelse woord pullover.

Zelfstandig naamwoord

pullover m

  1. (kleding) een gebreid bovendeel met of zonder mouwen.
Verbuiging
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   pullover     pulloveren     pulloverar     pulloverane  
genitief                
Hyperoniemen