pappa

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Zweeds

Uitspraak
Woordafbreking
  • pap·pa

Zelfstandig naamwoord

pappa g

  1. vader
Verbuiging
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   pappa     pappan     pappor     papporna  
genitief   pappas     pappans     pappors     pappornas  
Synoniemen
Afgeleide begrippen